Leerinhoud
- verschillende kunstbelevingen verkennen
- verschillende stijlen en genres onderzoeken
- kunstuitingen analyseren en erover reflecteren
- zich verhouden tot de (kunst)actualiteit
LESOPDRACHTEN
Inspiratie
Kunstwerken roepen veel vragen op. Het kan dan ook best spannend zijn om met leerlingen uit de eerste, tweede of derde graad rond actuele kunst te werken. Het S.M.A.K. ontwikkelde een soort Kleine Gids met opdrachten (met afbeelding, quote en bondige begeleidende tekst) gelinkt aan kunstwerken.
De eigen horizon verruimen kan je ook doen door een beeldenbank aan te leggen of een inspiratieboek bij te houden. Door te verzamelen, schetsen, fotograferen, beschrijven, documenteren… ontdekt en verkent de leerling en de leraar wat de leerling mooi en/of interessant vindt.
Technische fiche inspiratieboek en Inspiratie zoekproces geven je houvast of tools om een workshop of opdracht te lanceren als eerste kennismaking met een inspiratieboek.
Een inspiratieboek -of map kan zich ook vertalen naar een ‘technisch werkboek’, waarin vooral materialen en technieken beschreven of gedocumenteerd worden.
Documenteer en deel je ideeën, projecten, concepten, onderzoek, technieken, technische fiches, enz. liever digitaal? Dan kan je een platform binnen Padlet, google-classroom, Microsoft Teams, opmaken per optie/klas/leerling… Via Pinterest kan je ook moodboards samenstellen per module, opdracht, thema, enz. en eventueel delen via sociale media.
Prikbord
Leerlingen prikkelen en informeren over interessante tentoonstellingen, lezingen of tafelgesprekken kan via een informatie/inspiratiebord bv. bij de deur in het atelier of in een gemeenschappelijke ruimte of via sociale media. (afbeelding)

KIJK -EN LEESTIPS
De academie van Brugge organiseert maandelijks lezingen om een platform te creëren over de ateliers en disciplines heen, waar inzichten en ervaringen uitgewisseld worden. De lezingen worden opgenomen en online geplaatst: In het hoofd van…. – Stedelijke Academie Brugge DKO
Ben je op zoek naar een inspirerende lezing over oa. Kleur, Grafische kunst, Grote meesters zoals Jeroen Bosch, Jan Van Eyck of Brueghel? Neem een kijkje: Workshops & Lezingen | Roeland Kotsch
In een competentiebeeld beschrijven we de concrete bekwaamheden die we bij leerlingen willen nastreven. Het beschrijft wat een leerling moet kunnen aan het einde van een les, lessenserie, jaar of graad.
| 1&2 | 3 | 4 |
|---|---|---|
| Leerlingen tonen een onbevangen nieuwsgierigheid voor ideeën en vondsten die de leerkracht aanreikt. Ze maken zo op speelse wijze kennis met de eigen en andere kunstvormen. Leerlingen kijken vanuit zichzelf: Wie ben ik? Wat kan ik? En ze kijken al naar de anderen: Wie ben jij? Wat kan jij? | Leerlingen leren in deze fase enkele meesterwerken van de eigen discipline kennen en worden door de leerkracht gestimuleerd om naar films, concerten, tentoonstellingen en voorstellingen te gaan. Ze ontdekken gaandeweg met welke stijlen en genres ze de meeste affiniteit hebben. Leerlingen plooien in deze fase soms terug op de zaken die ze kennen. We nodigen hen toch uit om ook een andere wereld te blijven verkennen. | Leerlingen leggen verbanden tussen de eigen wereld en de kunstwereld. Ze kennen de belangrijkste meesterwerken van het eigen domein. Ze brengen eigen favorieten aan en zijn geïnteresseerd in voorstellingen/ tentoonstellingen en andere artistieke domeinen. Ze kunnen hun eigen spel verrijken met impulsen van buiten het eigen domein. Leerlingen richten enerzijds hun aandacht op specifieke aspecten van het eigen domein én behouden anderzijds ook een nieuwsgierigheid op de kunstwereld. |
Bron: Kunstig Competent
Deze competentiebeelden zijn voorbeelden. Het zijn ontwerpen waar nog aan gesleuteld mag/kan worden. Er kan over in dialoog gegaan worden, er kan geschrapt worden en toegevoegd. Het is aan de academie en de vakgroep om de competentiebeelden verder betekenis te geven. Het kan bv. nog verder gespecifieerd worden naar de academie-eigen context, naar de waarden van het APP en voor specifieke vakken, studierichtingen en/of opties.
Uit de competentiebeelden kunnen we evaluatiezinnen destilleren. Evaluatiezinnen omschrijven concreet waarop de leerling zal geëvalueerd worden. Deze evaluatiezinnen kunnen gebruikt worden op een evaluatiefiche of competentielijst. Zo kan een academie zijn evaluatiefiches bijsturen zodat er per graad eigen omschrijvingen zijn die aangeven wat er binnen die graad ontwikkeld wordt.
Tips bij het opstellen van academie-eigen leerdoelen
Wat je van een leerling zou kunnen verwachten bij 'eigen horizon verruimen':
Deze evaluatiezinnen zijn slechts voorbeelden, ter inspiratie! Indien je ze gebruikt als aanzet of ter inspiratie, kan je ze nog verder specifiëren naar de academie-eigen context, naar de waarden van het APP en voor specifieke vakken, jaren, graden, studierichtingen en/of opties.
Door deze oefening kun je nagaan of de leerling in het vooropgestelde doel ‘eigen horizon verruimen' gegroeid is. Deze oefening kan ook onderdeel zijn van een toonmoment/jurymoment.
Zelfreflectie (3de en 4de graad) Om leerlingen bewust te laten worden van dit leerplandoel kun je hen een vragen(lijst) geven die hen hierover laat reflecteren. Deze vragen(lijst) kan het vertrekpunt zijn voor een (klas)gesprek over de mate waarin leerlingen (al dan niet) zijn gegroeid. Vanuit dit gesprek kunnen inzichten groeien en nieuwe leerdoelen een plaats krijgen.
Volgend jaar wil ik …..
Bijvoorbeeld:

